Column XXXVIII

De damp die opstijgt uit de kartonnen beker koffie op het kleine tafeltje voor hem dwarrelde zijn neus binnen. Buiten razen de door dauw bedekte landschappen aan hem voorbij. En op ergens op zijn schouder en arm ligt Roos haar hoofd, die ergens ver weg in een droomwereld vertoefd.

Toen de zon nog niet op was had ze hem opgebeld, met de melding dat ze voor zijn deur stond. Slaperig en met zijn haar in alle richtingen had hij de deur geopend. Enthousiast was ze hem rond de nek gevlogen en had ze hem een kus op de wang gedrukt bij wijze als haar vrolijke begroeting. Hij had amper de kans gehad om te beseffen wat er zonet gebeurd was als ze hem beveelt had zich op te frissen en gemakkelijke kledij aan te trekken.

“Je hebt exact veertig minuten en niks meer.”
-“Waarom? Waarvoor? Roos, het is nog geen zeven uur, wat ben je van plan?”
“Voor de taxi. Negenendertig minuten, hup ga nou die douche in man, ik maak jouw rugzak wel!”
-“Taxi? Rugzak? Roos, wat…”

Hij had nooit een antwoord gekregen of de kans gehad zijn vraag af te maken. Roos had hem de badkamer ingeduwd en de deur van buiten af op slot gedaan voor hij echt doorhad wat er gebeurd was.

“Ik laat je er over een twintig minuten weer uit, douche nu maar, je bent in veilige handen bij me!” had ze ergens van ver weg boven geroepen toen ze hoorde dat hij niet direct onder de douche sprong.

Exact twintig minuten later had ze de deur weer los gedraaid en zag ze dat hij bijna klaar was met zich te scheren.

-“Roos, wat is nu het plan. Je haalt me zo vroeg uit m’n bed en ik weet niet wat er aan de hand is.”
“Er is niks aan de hand, maak je maar niet ongerust, ik heb het helemaal onder controle. Ik heb jouw rugzak klaargemaakt, er wachten twee boterkoeken op ons elk en over een kwartiertje is de taxi hier.”
-“Roos….”

Ze trok hem de badkamer uit en duwde hem op de stoel in de woonkamer.

“Laat het nou gewoon gebeuren, je ontdekt straks wel wat we gaan doen, geniet nu eerst van die jouw lievelings boterkoeken!”
-“Hoe weet jij….” Hij maakte zijn zin niet af, want voor hem lagen inderdaad zijn favoriete boterkoeken. Hij had geen idee hoe ze het wist, en ze ging het hem zeker ook niet zeggen. Maar ze had niet alleen zijn favoriete boterkoeken op tafel getoverd, ze had ook de beste bakker bezocht. En ze had niks mee gehad toen ze bij hem binnenstormde. Het vraagteken werd bij hem alleen maar groter.

Toen ze twintig minuten later de taxi instapten wist de chauffeur duidelijk al waarheen ze gingen, want zonder dat Roos een woord tegen hem zei begon hij zijn rit.
Pas toen ze bijna tien minuten onderweg waren kwam Roos tegen hem zitten en fluisterde “eindhalte Parijs meneer.” En met een speelse lach en een lichte fonkeling in haar ogen ging ze weer aan haar kant van de wagen zitten

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s