It’s been a year

You can read the English version of this blog right underneath the Dutch part or by clicking here.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

You can read the English version of this blog right underneath the Dutch part or by clicking here.

3 augustus 2013 was een dag die ik me tien jaar eerder, rond Kerst 2003 niet had kunnen inbeelden ooit mee te maken. In de Kerstvakantie van 2003 werd ik fan van Robbie Williams. Al is “worden” een slechte woordkeuze wanneer het over fan zijn gaat. Fan zijn is iets als liefde en vriendschap. Het is niet iets dat je wordt. Het is iets dat je overkomt. Omdat de artiest of band je weet te raken.

Vorig jaar, op 3 augustus 2013, exact 10 jaar na de legendarische Knebworth-concert van Robbie Williams, een soort van bijbel-DVD voor iedere fan, trad Robbie Williams na 7 jaar afwezigheid op in het Koning Boudewijnstadion. En omdat het concert in 2006 mij nogal tegengevallen was twijfelde ik om te gaan. Omdat het Koning Boudewijnstadion in 2006 qua klank de wensen over liet. Omdat zitplaatsen nogal tegenvielen. Omdat de entertainer in 2006 nogal veraf leeg. Maar na overtuiging van Inga en Lotte ging ik. Met tickets voor staanplaatsen. En meer nog. Ik zou er nóg twee krijgen voor mijn verjaardag van vtm.

Na maanden aftellen en weken de songteksten leren van de toen gloednieuwe “Take The Crown” vertrok ik ’s morgens vroeg om 9 uur aan te schuiven aan de toegangspoorten. Tussen honderden (en later op de middag tegen de duizend) andere fans werd het 9 uur lang aanschuiven, zitten, babbelen, meezingen en vooral wachten. Gelukkig werden we halverwege de middag getrakteerd door Robbie op een repetitie die live uit het stadion te horen was, en al gauw steeg de sfeer weer in de groep wachtenden. Toen rond half 5, een half uur te vroeg, iedereen recht schoot en tegen de toegangspoortjes ging staan kwamen ook de kriebels opzetten. Ons blok zou als eerste naar binnen mogen en een plaatsje zoeken, enkele minuten voor alle andere fans binnen mochten in het stadion. Het lopen, het roepen, de spanning,… Het komt zo weer naar boven als ik er aan denk. En de opluchting als we een plaatsje gevonden hebben. Een goed plaatsje. Recht aan het uiteinde van de catwalk.

En dan was het weer nog enkele uren wachten op de man hemzelf. Maar wachten duurt niet lang, er is continu beweging, er blijven fans toekomen, je ziet de bedrijvigheid in de crew… 3 augustus zal ook de dag blijven dat ik “Let Her Go” van Passenger talloze keren voorbij hoorde komen, afgewisseld met de 2 reclamespotjes, één voor Unicef en één voor Samsung. Twee uur voor de show kwam Daddy K een DJ-set spelen. De man amuseerden zich meer dan het hele Koning Boudewijnstadion samen deed. Gelukkig kwam een beetje later Olly Murs op die een fantastisch voorprogramma neerzette en de boel al helemaal opgewarmd had voor dat de grote meneer zelf zou aantreden.

En toen Robbie Williams zelf neerdaalde op het podium met de woorden “I’m Robert Peter Williams! You are Belgium! And for the next two hours, your ass is mineeeeeee!” werd het twee uur lang meezingen, springen en schreeuwen. Een hele rollercoaster. Olly Murs die me recht in de ogen aankijkt tijdens het op en neer springen tijdens “Kids”. Na tien jaar het geweldige “Me and My Monkey” en “Sexed Up” live kunnen horen. Die herinneringen krijgen me nog steeds breed aan het glimlachen als het wat moeilijker gaat. Mijn grootste idool van zo dichtbij mogen en kunnen zien. Wanneer na twee uur spektakel en een echt feest de show er op zit en Robbie a capella “Angels” inzet, naadloos meegezongen door het publiek, zonder fout. Dan krijg je kippenvel. En weet je dat het alles is waard geweest. En dat je post-gig-depression zal hebben.

Een jaar later nog steeds.

English version

The third of August last year was a day I couldn’t have imagined living around Christmas 2003. During the Christmas-break of 2003 I became a fan of Robbie Williams, although “becoming” is a wrong choice of words when it’s about being a fan. Being a fan is like love or friendship. You don’t become one. It just happens. ‘Cause an artist or band hits your emotions.

Last year, on the third of August 2013, exactly 10 years after the legendary Knebworth-gigs of Robbie Williams, some sort of Bible-DVD of every fan, Robbie Williams performed after 7 years of absence at the King Baudouin-stadion. And because of the gig in 2006 wasn’t exactly what I thought it would be I doubted of going. Because in 2006 the sound of the concert wasn’t what it should have been. Because in 2006 our seating-tickets, bought through the fanclub, weren’t as good as they had promised. Because, in 2006, Robbie the entertainer seemed so far away. But Inga and Lotte knew how to convince me of going. This time, we bought standing tickets. And more. I got two more tickets of vtm as a birthday-present.

After months of counting down and weeks of learning the lyrics of the brand new album “Take The Crown” I left early in the morning with 9 hours of queuing waiting for us, between hundreds (and later in the afternoon almost thousand) of other fans. Queuing, sitting, talking, singing along and most of all: waiting. Luckily enough Robbie treated us with a rehearsal halfway the afternoon. We heard him and the band rehearsing live from the stadium. The sphere between everybody raised again and soon we were singing and dancing and screaming. Around 4.30pm, almost half an hour too early, everybody in our block stood up and pushed each others too the entrance-ports. At that moment I felt jitters. Our block would be able to enter the stadium before everybody else, minutes before the others could enter. The running, all the screaming, the excitement,… I can feel it all again by thinking about it. And the relieve when we had found a spot. A perfect one. Right at the end of the catwalk.

And then again there was nothing more to do than waiting. But waiting doesn’t take long. There is continue movement. Fans keep arriving, you see the crew being busy,… The third of August 2013 will also be the day I kept hearing “Let Her Go” by Passenger over and over, interspersed by 2 commercials, one for Unicef and another one for Samsung. Two hours before the gig Daddy K played a DJ-show. The man had more fun than all the complete stadium together. Luckily enough not long after the DJ-set Olly Murs played his support-gig. An amazing support-act and he knew how to entertain us. He had everyone in the palm of his hands and he only had to hand us over to the man of the evening.

When Robbie Williams descended on stage with the words known by every fan: “I’m Robert Peter Williams! You are Belgium! And for the next two hours, your ass is mineeeeee!” there wasn’t anything holding us from singing along, jumping up and down and screaming. A complete roller-coaster. Olly Murs looking me right in the eyes and pointing at me whilst jumping up and down during “Kids”. After ten years finally hearing “Me and My Monkey” and “Sexed Up” live. Seeing my biggest idol only a meter and half away.Those moments still know how to make me smile when I feel down or a bit sad. After two hours of a real party and spectacular show the gig was over and Robbie started to sing a capella “Angels”. Every fan joining in at the right time. Something to give you goose. And at that moment you know it was all worth it. And you’ll get a post-gig-depression when you get home.

And you’ll still have one after a year.

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s